God, mijn hemelse Vader
Het was afkicken afgelopen week. Ik heb, samen met een ex-collega, een paar dagen de stilte opgezocht in een katholiek klooster in de omgeving van Arnhem. Een paar dagen geen telefoon, geen laptop en voor het overgrote gedeelte van de dag werd er weinig tot niet gesproken. Voor mij de vraag of ik überhaupt mijn mond kon houden voor langere tijd. En dat gold ook voor mijn ex-collega. Wat een uitdaging!
In de eerste 24 uur heb ik geleerd wat ‘ora et labora’ inhield. In tegenstelling tot de nonnen werd bij ons de nadruk gelegd op ora (bidden), want veel labora (werk) was er niet voor ons. Ik was onder de indruk van de discipline die de nonnen hadden om, zodra de klokken luidden, het werk neer te leggen om vervolgens te bidden in de kapel en het werk een half uur later weer net zo makkelijk op te pakken.
Het bidden was wennen voor me… ik ben niet gewend om mijn gebeden voorgedrukt en zingend op te zeggen voor mijn hemelse Vader. En met alle respect… het deed me ook niet zo veel. Ik had er geen warme gevoelens bij. Echter in de stilte die volgde, na zo’n gebedsdienst, vond ik God terwijl ik in mijn gedachten, in mijn eigen woorden, tot Hem bad. Even voelde ik verbazing, ergens had ik niet verwacht om God te kunnen vinden…. maar een stille, zachte stem liet mij weten dat ‘waar twee of drie vergaderd zijn in Mijn naam, daar ben Ik in hun midden’.
Ik heb er vrouwen ontmoet. Vrouwen met een verschillende achtergrond. Ieder had zijn eigen verhaal. Een eigen reden om de stilte van het klooster op te zoeken. Er waren meisjes bij van 16/17 jaar en vrouwen van 60+ jaar. Interessant ook was het feit dat niet iedereen katholiek was. Integendeel, het overgrote gedeelte beleed een andere godsdienst. En de vrouwen die wel katholiek waren, verschilden vaak van mening of beleving.
Op een avond kwam de Drie-eenheid aan de orde. Ik ben katholiek groot gebracht en ik weet niet beter als dat de Catechismus leert dat God, Jezus Christus en de Heilige Geest een Persoon is. Het was een wetenschap die mij als kind altijd gefascineerd heeft en ook de nodige vragen opriep. Aangezien mijn ouders niet in staat waren mijn vragen te beantwoorden, heb ik meerdere gesprekken gehad met mijnheer Pastoor. Ik heb mij altijd verbaasd over het Bijbelgedeelte waarin Jezus Christus in het Hof van Getsemane aan zijn Vader vraagt of de beker niet aan Hem voorbij mocht gaan. Als God en Jezus Christus dezelfde Personen zijn, aan Wie stelde Christus dan deze vraag? Mijnheer Pastoor was niet in staat mijn vraag naar volle tevredenheid te beantwoorden. ‘Sommige vragen kennen geen antwoord, soms moet je gewoon geloven dat het zo is’, zo was zijn antwoord. Echter ik leefde in de veronderstelling dat God de Vader, Jezus Christus en de Heilige Geest drie verschillende Personen zijn, weliswaar verenigd in hun doelen, zoals echtparen ook verenigd kunnen zijn in hun doel. Een ander Bijbelgedeelte is nog veel duidelijker, nl. op het moment dat Jezus gedoopt wordt komt er een stem uit de hemel Die zegt: ‘Dit is mijn Zoon…’ en vervolgens is er ook nog een witte duif, die symbool staat voor de Heilige Geest.
Zoals ik al zei kwam dit onderwerp ook ter sprake op een avond in het klooster. De een was van mening dat de Catechismus klopte en de ander, een pas gedoopt katholiek lid, vertelde dat zij geleerd had dat de Drie-eenheid uit drie verschillende Personen bestond. Verwarring alom voor alle deelnemers van dit gesprek… Het verbaasde me ten zeerste. Wat leert de katholieke kerk, welke stelling is nu juist?
Ik ben ervan overtuigd dat God de Vader, Jezus Christus en de Heilige Geest, drie aparte Persoonlijkheden zijn. De Vader en de Zoon hebben lichamen van vlees en beenderen, terwijl de Heilige Geest een lichaam heeft van geest. Voor mij was het feest toen ik de zendelingen in Amsterdam ontmoette, die mij vertelde dat Joseph Smith, meer dan 150 jaar geleden God de Vader en Jezus Christus gezien heeft in een visioen. Dat hij gezien heeft dat het gaat om twee afzonderlijke Personen. Wat ik al die tijd als kind al wist en begreep, werd bevestigd door dit visioen.
Dit maakte dat ik op die bewuste avond in het klooster, ontspannen naar bed ging en na dankzegging voor al mijn zegeningen zonder pardon in slaap viel.